Wanneer zorgen maken
Scheiding › 10-12 jaar › Wanneer zorgen maken
Veerkracht
De meeste kinderen lukt het wonderbaarlijk goed om een scheiding te verwerken. Hun veerkracht is groot. Dat wil overigens niet zeggen dat de pijn weg is, maar dat ze een manier hebben gevonden om er goed mee om te gaan. Tegelijkertijd zijn er ook kinderen die er veel moeite mee hebben, ze lopen vast in hun verwerkingsproces.
Vaak zijn dat scheidingskinderen die door de omstandigheden van de scheiding tot een risicogroep behoren.
Risicogroep
Scheidingen met de meest nadelige gevolgen voor kinderen zijn scheidingen waarbij:
- Ouderlijke conflicten blijven voortduren na de scheiding. Kinderen die dit meemaken lopen de meeste schade op, vaak levenslang.
- De ouder waarbij het kind woont problemen heeft.
- Het kind veel veranderingen heeft doorgemaakt als gevolg van de scheiding (bijvoorbeeld: verhuizing, andere school, contactverlies met een deel van de familie, contactverlies met de andere ouder, financiële achteruitgang etc).
- Sprake is van sterke financiële achteruitgang.
- Een slechte band met de uitwonende ouder bestaat.
Kinderen die tot de risicogroep behoren, hebben een reële kans om ernstige emotionele en psychosociale problemen te ontwikkelen.
Zorgelijk gedrag herkennen
Het is niet altijd even gemakkelijk om zorgelijk gedrag te definiëren. Als u het volgende herkent, kan er sprake zijn van vastlopende rouw.
Een kind:
- blijft lange tijd
neerslachtig en kan niet meer echt enthousiast zijn.
- heeft bij voortduring
geen zin in dagelijkse activiteiten.
- blijft situaties, dingen of personen
vermijden.
- zijn /haar
ontwikkeling stagneert over een langere periode.
- heeft langere tijd
lichamelijke klachten waar geen lichamelijke oorzaak voor te vinden is.
- heeft langdurige
slaapproblemen en/of nachtmerries.
- vertoont langdurig (zeer)
angstig gedrag.
- kijkt opeens heel
negatief tegen allerlei dingen aan. Dit kan samen gaan met somberheid en zich terugtrekken. Het is normaal en begrijpelijk dat dat een tijdje duurt. Als het lang duurt, kan het zorgelijk zijn. Het is juist belangrijk dat kinderen doorgaan met de dingen die ze altijd al deden.
- laat langdurig opvallend
zorgzaam gedrag naar de ouder(s) of broertjes of zusjes zien en lijkt zelf niets te verwerken.
- vertoont voortdurend
beschadigend gedrag naar zichzelf en/of anderen. Of maakt bij voortduring dingen stuk.
- spreekt alleen maar
negatief over de uitwonende ouder, gelooft alles wat de andere ouder zegt over de uitwonende ouder, terwijl de band met de uitwonende ouder voor de scheiding goed was. Er kan sprake zijn van het zogenaamde ouderverstotingssyndroom.
- praat bij voortduring niet over de scheiding en komt
onaangedaan over.
- lijkt
steunpilaar van de ouder(s). Als het kind betrokken wordt bij de problemen van ouders en de zorg voor ouder op zich neemt (parentificatie).
- heeft ‘verkeerde’ vrienden.
Deel uw zorg
In deze gevallen is het zinvol om uw zorg met de ouder(s) te delen. U kunt hen eventueel adviseren een hulpverlener in de omgeving te
zoeken.